Aspecifieke rugklachten

Aspecifieke rugklachten

Wat zijn aspecifieke rugklachten?

Voor pijn in de rug is vaak geen duidelijke oorzaak. Dat is het geval bij 9 op de 10 mensen met pijn in de onderrug. Dat worden aspecifieke rugklachten genoemd. Aspecifiek betekent dat er geen duidelijke oorzaak is. Niet alleen sporters krijgen hier last van, maar ook mensen die lichamelijk zwaar werk doen of juist veel zittend werk doen. Aspecifieke rugklachten worden ingedeeld in 3 profielen:

  • Profiel 1: Aspecifieke lage rugpijn met een normaal beloop.
  • Profiel 2: Aspecifieke lage rugpijn met een afwijkend beloop zonder dat psychosociale factoren een grote rol spelen.
  • Profiel 3: Aspecifieke lage rugpijn met een afwijkend beloop waarbij psychosociale factoren een rol spelen.

Vraag het de medisch specialist 

Twijfels of onzekerheid na een ziekenhuisbezoek zijn heel gewoon. Gelukkig kunt u nu uw vragen als verzekerde van CZ bespreken met een onafhankelijk medisch specialist.

  • Telefonisch of online contact met een medisch specialist
  • Gratis & exclusief voor klanten van CZ
  • 100% vertrouwelijk

Zó werkt het

Bij aspecifieke rugklachten wordt gesproken van een normaal of afwijkend beloop.

  • Normaal beloop: als mensen na een tijd weer dezelfde activiteiten doen als voordat ze de klachten kregen. Vaak neemt de pijn af, maar verdwijnt deze niet altijd helemaal. Maar de klachten beperken de persoon niet meer in het uitvoeren van activiteiten en participatie.
  • Afwijkend beloop: als mensen na een tijd nog steeds minder activiteiten ondernemen of steeds minder. Als mensen gedurende 3 weken niet duidelijk meer activiteiten ondernemen en minder hinder ondervinden wordt er gesproken van een vertraagd of afwijkend herstel.

Symptomen rugpijn

Bij lage rugklachten neemt de pijn onder in de rug geleidelijk toe. De ernst van de pijn kan erg verschillen. Bij een van de onderstaande klachten kan er sprake zijn van specifieke rugpijn. Dan is het verstandig direct contact op te nemen met een (huis)arts.

  • Moeite met plassen of ophouden van de plas.
  • Een doof gevoel rond de geslachtsdelen of de anus.
  • Een doof gevoel, speldenprikpijn, tintelingen of een gevoel van krachtverlies in beide benen.
  • Een wankel gevoel bij het staan of moeite met lopen.
  • Rugpijn die is ontstaan na een val of botsing.
  • Koorts of gewichtsverlies zonder duidelijke oorzaak.
  • Hevige en/of onophoudelijke rugpijn ’s nachts.
  • Wanneer je kanker hebt, of hebt gehad.
  • Als de lage rugpijn begint na de 50 of voor de 20 jaar.
  • Pijn die niet afneemt, onafhankelijk van houding of beweging.
  • Langdurig gebruik van corticosteroïden.

Deze klachten kunnen wijzen op zenuw- of wervelletsels, een mogelijke (ernstige) specifieke oorzaak van lage rugpijn. Daarbij is een goede diagnose noodzakelijk.

Rugklachten 

Oorzaken lage rugpijn

Lage rugpijn ontstaat vaak door een combinatie van factoren. Die kunnen intern zijn (individuele factoren) of extern (omgevingsfactoren). Mogelijke interne risicofactoren:

  • Slechte algemene gezondheidstoestand.
  • Het geslacht. Vrouwen hebben vaker lage rugklachten dan mannen.
  • Overgewicht.
  • Oudere leeftijd.
  • Stress.
  • Klachten van depressie.
  • Pijngerelateerde angsten of vermijdingsgedrag.

Externe factoren zijn omgevingsfactoren. Zoals:

  • Slechte ondergrond.
  • Weersomstandigheden.
  • Te zwaar trainen.
  • Slechte houding.
  • Slechte sportuitrusting.
  • Werkgerelateerde factoren: Slechte relatie met collega’s, fysiek zwaar werk.

Training.

Als je plotseling veel meer of veel zwaarder gaat sporten, kun je last van je rug krijgen. Sommige manieren van trainen zijn slecht. Zoals springen en een slechte looptechniek. Voor alle sporters is het belangrijk een goede techniek en houding aan te leren. Dit geldt zeker voor sporters die aan krachttraining doen.

Slechte houding.

Een slechte houding (of hoge belasting) in het dagelijks leven kan ook rugklachten veroorzaken. Daarnaast is het beter om niet te lang in dezelfde houding te zitten. Bijvoorbeeld achter een beeldscherm. De rug krijgt dan te weinig beweging. Daardoor verzwakken en verstijven de spieren en ontstaan problemen.

Sportuitrusting.

Een goede sportuitrusting gaat vooral om schoenen. Op dit moment is een studie bezig over het belang van goede hardloopschoenen. Waarschijnlijk ontstaan blessures meer door de duur van het lopen dan door slechte schoenen.

Ook kleding die niet past bij de buitentemperatuur kan rugklachten veroorzaken. Dit geldt niet alleen tijdens de training maar ook na de training. Onvoldoende warme of niet goed ventilerende kleding kan rugklachten veroorzaken.

Zelfzorg bij rugpijn

Het is belangrijk om de spieren van de romp sterker te maken. Rugpijn komt meestal door lange over- of onderbelasting van de rug. Op de lange termijn worden de spieren rondom de wervelkolom zwakker. Hierdoor kan de rugpijn langer duren of erger worden.

Doortrainen of rust nemen?

Na maximaal 2 dagen rust kun je gewoon doorgaan met trainen. De rugspieren moeten gebruikt worden om hun kracht en flexibiliteit terug te krijgen. In rust worden ze alleen maar zwakker. Daardoor kan de pijn zelfs erger worden. 

Het is wel verstandig om de belasting te verminderen. Bijvoorbeeld door de training minder zwaar te maken. Wanneer je dan toch nog rugpijn krijgt, kun je beter stoppen met de training.

Andere training.

Kies eventueel en wanneer mogelijk voor een andere sport. Zoals fietsen, zwemmen en cardiofitness. Activiteiten waarbij de voeten het volledige lichaamsgewicht moeten dragen of opvangen, zijn belastend. Voor de rug zijn ze minder geschikt. 

Naast een andere training is het verstandig oefeningen te doen die de spieren versterken, en dan speciaal voor de spieren rondom de ruggenwervels. Het doel is deze spieren te versterken en ze beweeglijker te maken.

Professionele behandeling bij rugpijn

  • Is er veel last van rugpijn?
  • Geven de maatregelen na twee tot vier weken nog geen verbetering?
  • Zijn de klachten na zes weken nog niet over?

Dan is het verstandig deskundig advies in te winnen. Dit kan bij de huisarts, een Sportmedisch Adviescentrum (SMA) of een (sport)fysiotherapeut. Is er twijfel over de aard van de klachten of is er sprake van ongerustheid? Ook dan is het verstandig een arts of fysiotherapeut te raadplegen.

Rugklachten voorkomen

De volgende tips verminderen de kans op lage rugpijn.

Training.

Begin de training altijd met een goede warming-up:

  • Beweeg 5 tot 10 minuten in een rustig tempo.
  • Doe vervolgens oefeningen om te spieren los te maken.
  • Beweeg hierna intensiever.

Zorg ook voor een goede trainingsopbouw. Voer de intensiteit en de omvang van de trainingen geleidelijk op. Zeker na een blessure of ziekte is het belangrijk de training geleidelijk op te bouwen, totdat het oude niveau weer is bereikt. 

Doe aan het eind van de training een cooling-down. Bijvoorbeeld enkele minuten rustig uitlopen met daarna losmaakoefeningen.

Je kunt thuis ook oefeningen doen om de spieren van de rug te versterken. Deze kun je ook preventief doen. Daarnaast is het van belang de rug voldoende te bewegen om deze soepel te houden. 

Sportuitrusting.

Draag goed passende sportschoenen met een schokdempende zool. Ook een stevige hielsteun en een hoge soepele hielrand is van belang. Als je een (lichte) voetafwijking hebt, zoals knikplatvoeten, houd daar dan rekening mee bij de aanschaf van nieuwe sportschoenen. 

Schoenen moeten geschikt zijn voor je voeten en voldoende demping geven. Daarnaast is het belangrijk dat de schoenen passen bij de trainingsgewoontes. Loop ook niet te lang op oude schoenen door. Sportschoenen behouden maximaal 2 jaar hun kwaliteit. Dit is bij minimaal gebruik (1 uur per week). Bij intensief gebruik (10 uur per week) gaan sportschoenen ongeveer 3 maanden mee.

Een goede sportspeciaalzaak adviseert over de juiste sportschoenen. Soms is het noodzakelijk om een speciale aanpassing in de sportschoen te laten maken. Bijvoorbeeld bij voetafwijkingen of een beenlengteverschil. Dit doet een orthopedisch schoenmaker. 

Draag voldoende warme, maar het liefst ook goed ventilerende kleding. Zorg ook na het sporten voor voldoende warme kleding.

Omgeving.

Train zoveel mogelijk op een zachte, maar wel gladde ondergrond (bos, gras). Als je geen klachten meer hebt, kun je wisselen van ondergrond. Deze variatie zorgt ervoor dat spieren en pezen zich goed ontwikkelen. Ze kunnen zich dan beter aanpassen aan de omstandigheden.

Lichaamsgewicht.

Sporters met een (te) hoog lichaamsgewicht, lopen een grotere kans op blessures. Bij overgewicht helpt afvallen om overbelasting te voorkomen.

Meer informatie

Informatie over blessures van de Atletiekunie
www.atletiek.nl 

Nederlandse Vereniging van Rugpatiënten
www.nvvr.nl

Richtlijn Lage rugpijn van het Koninklijk Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie
www.fysionet-evidencebased.nl/index.php/