Stomaverzorging

Stomaverzorging

Een stoma is een kunstmatige uitgang tussen een orgaan en de buikwand. Hierdoor verlaten urine of ontlasting het lichaam. Als het langs de natuurlijke weg niet kan.

Een urinestoma is een kunstmatige uitgang van de urinewegen. Een colostoma is een kunstmatige uitgang van de dikke darm en een ileostoma is een kunstmatige uitgang van de dunne darm.

De plaats van de stoma op de buik hangt af van de toegepaste aanlegoperatie. Bij een urinestoma is dit meestal rechtsonder op de buik. In Nederland hebben ongeveer 32.000 mensen een stoma op de darmen of urinewegen. Dit artikel gaat over de verzorging van de stoma.

Vraag het de medisch specialist 

Twijfels of onzekerheid na een ziekenhuisbezoek zijn heel gewoon. Gelukkig kunt u nu uw vragen als verzekerde van CZ bespreken met een onafhankelijk medisch specialist.

  • Telefonisch of online contact met een medisch specialist
  • Gratis & exclusief voor klanten van CZ
  • 100% vertrouwelijk

Zó werkt het

Eendelig of tweedelig systeem

Een stomazakje moet meerdere keren per dag geleegd of verwisseld worden. Dit hangt af van een aantal zaken:

  • het type stoma.
  • de productie van de urine of ontlasting.
  • de individuele situatie van de persoon.

Er zijn veel stomahulpmiddelen in de handel. Het opvangsysteem kan een- of tweedelig zijn.
Bij een eendelig systeem is de huidplaat (of huidplak) en het zakje één geheel. Voordeel hiervan is dat het systeem flexibel en plat is. En daardoor minder zichtbaar onder de kleding. Nadeel van dit systeem is dat bij verschoning ook de huidplaat verwijderd wordt. Bij een gevoelige huid kan dit huidirritaties veroorzaken.
Bij een tweedelig systeem zijn de huidplaat en het zakje, twee losse elementen. Voordeel is dat het stomazakje meerdere keren verwisseld kan worden. Zonder de huidplaat te verwijderen. Deze kan een tot enkele dagen blijven zitten. Nadeel van dit systeem is dat de huidplaat en het stomazakje los van elkaar zitten. Hierdoor is het minder flexibel en meer zichtbaar onder de kleding.

Aandachtspunten bij de stomaverzorging

Dit zijn aandachtspunten bij het verzorgen van zowel een darm- als een urinestoma:

  • Verzorg de stoma wanneer de productie minimaal is. Meestal is dit ’s morgens voordat er iets gedronken of gegeten is.
  • De stoma kan staand, zittend of liggend verzorgd worden. Dit is afhankelijk van de plaats van de stoma en de conditie van de persoon.
  • Er kan gedoucht worden met of zonder opvangsysteem. Bij douchen zonder opvangsysteem hoeft u niet bang te zijn dat er water in de stoma loopt. Tijdens douchen zonder opvangsysteem kan de stoma wat urine of ontlasting produceren.
  • Langere haartjes rond de stoma kunnen weggeknipt worden of met de haargroei mee weggeschoren worden. Was de huid daarna met water en dep het droog.
  • Oude ‘lijmrestjes’ zijn te verwijderen met lauw water of milde reinigingsdoekjes.
  • Gebruik tijdens het verzorgen van de stoma geen oliën of vette zalven. Deze middelen verminderen de kleefkracht van het opvangsysteem.
  • Tijdens het reinigen van de stoma kan het slijmvlies wat gaan bloeden. De stoma is van teer weefsel. Het bloeden is normaal en stopt weer snel na het verzorgen van de stoma.
  • Dep de huid rond de stoma droog. Gebruik geen föhn om het na te drogen. Föhnen zorgt voor uitdroging en kan de huid verbranden.
  • Als de huid rond de stoma rood is, is de huid in te smeren met barrièrecrème. Masseer deze crème in totdat hij stroef aanvoelt. Daarna kunt u de nieuwe huidplaat aanbrengen.
  • Wordt tijdens het douchen een opvangsysteem bij een darmstoma gebruikt? Met een koolstoffilter (om bolling van het zakje te voorkomen door gasvorming)? Plak dan de filter tijdens het douchen of zwemmen af. Een natte filter kan geen lucht doorlaten en veroorzaakt mogelijk lekkages.
  • De opening van de huidplaat moet goed passen rond de stoma. Om lekkages en huidirritaties te voorkomen moet er zo weinig mogelijk huid vrij liggen onder de stoma. Het is belangrijk dat de opening van de huidplaat maar 1 à 2 millimeter groter is dan de stoma. Het opmeten van de huid gebeurt met behulp van een meetkaart of een mal.
  • Probeer lekkages en trekkracht van de huidplaat te voorkomen. Zorg daarom dat stomazakjes niet te vol zitten. Leeg het opvangzakje wanneer het voor een derde vol is. Maak het stomazakje leeg of vervang het voor vertrek van huis, het sporten of naar bed gaan.
  • Voor de nacht zijn grotere opvangzakken verkrijgbaar. Hierdoor kunnen stomadragers rustiger slapen en hebben ze meer bewegingsruimte.
  • Zorg altijd voor een reserve opvangzakje en/of huidplaat voor in noodgevallen.

Benodigdheden

Bij een tweedelig systeem moet de huidplaat vervangen worden. Bij een eendelig systeem de huidplaat én het stomazakje. Als het zover is, is het goed om alles binnen handbereik te hebben. Wat is er allemaal nodig?

  • een afsluitbaar afvalzakje.
  • droge en natte gazen of toiletpapier.
  • warm water.
  • nieuwe huidplaat en/of een opvangzakje.
  • een malletje of meetkaart, een pen en een schaar om de huidplaat op maat te knippen.
  • eventueel een spiegeltje.
  • een onderlegger of handdoek om de kleding te beschermen.

Aanbrengen en verwisselen van het stomazakje

Zowel bij een één- als een tweedelig systeem is het opvangzakje te legen in het toilet. Ga half op het toilet zitten om het zakje te legen. Bij een darmstoma is het belangrijk om de opening van het zakje schoon te maken met een nat gaasje. Maak daarna de opening schoon met een droog gaasje. Bij een urinestoma kunt u het stomazakje afsluiten met een kraantje.

Hoe vaak een stomazakje geleegd moet worden is afhankelijk van het soort stoma. Bij een ileostoma is de ontlasting vaak dunner dan bij een colonstoma. Gemiddeld wordt de darmstoma tussen de zes en tien keer geleegd per 24 uur.

Bij een colostoma is de ontlasting dikker. Afhankelijk van het eetpatroon kan het zakje twee tot vier keer per 24 uur geleegd worden.

Bij een urinestoma is het voldoende om het opvangzakje tussen de acht en tien keer te legen per 24 uur nodig.

Werkinstructies

Wanneer kan er gestopt worden met meten? Zodra de stoma na zes tot acht weken na de operatie niet meer is veranderd in grootte. Hierna is een malletje te gebruiken om de huidplaat op maat te knippen. Dit gaat als volgt:

  • Leg eerst de nieuwe huidplaat op een warme plek. Bijvoorbeeld tussen het ondergoed en de bovenkleding of tussen de benen. De lichaamstemperatuur maakt de huidplaat soepel en vergroot de kleefkracht.
  • Leg de onderlegger of handdoek ter bescherming over de kleding.
  • Was de handen.
  • Verwijder de oude huidplaat van boven naar beneden. Rul of pel als het ware met één hand de huidplaat van de huid af. Houd met de andere hand de huid tegen. Trek de huidplaat er niet af, dit kan huidirritatie veroorzaken.
  • Vouw het oude stomazakje dubbel en deponeer het in een afvalzakje.
  • Dek de stoma af met een (nat) gaasje zodat de ontlasting of urine niet op de buik loopt.
  • Reinig de huid rond de stoma met natte gazen.
  • Als er lijmresten achterblijven op de huid dan kunnen deze blijven zitten. Ze verdwijnen bij de volgende verzorging.
  • Droog de huid deppend na, met droge gazen.
  • Verwijder het gaasje van de stoma.
  • Verwijder de beschermlaag van de huidplaat.
  • Trek de huid van de buik strak om de huidplaat zo glad mogelijk op te plakken.
  • Bij een eendelig systeem is de huidplaat dubbel te vouwen met de kleeflaag naar buiten. Hierdoor is goed te zien waar de huidplaat plakkend is.
  • Begin met plakken altijd ónder de stoma. Druk de huidplaat goed aan vanuit het midden van de stoma.
  • Bij een tweedelig systeem wordt het opvangzakje er van onder naar boven in een rollende beweging op vastgeklikt. Controleer daarna of het zakje goed vastzit door aan het zakje te trekken.
  • Zorg dat het zakje licht zijwaarts afhangt en de luchtfilter (bij een ileostoma) naar boven is gericht.
  • Ruim alle materiaal op en was de handen.

Verschonen van een opvangzakje bij een tweedelig systeem

Bij een tweedelig opvangsysteem zijn de huidplaat en het zakje losse elementen. Hierdoor kan het opvangzakje verwisseld worden zonder vervanging van de huidplaat. Zorg dat de benodigdheden (een schoon opvangzakje, onderlegger of handdoek, gazen, warm water en een afvalzakje) binnen handbereik liggen.

  • Was de handen.
  • Leg de onderlegger of handdoek ter bescherming over de kleding.
  • Was nogmaals de handen.
  • Verwijder het volle opvangzakje. Begin bovenaan met het verwijderen van het zakje van de huidplaat af. Houd met de andere hand de huid tegen. Vouw het oude opvangzakje dubbel en deponeer het in een afvalzakje.
  • Reinig de huidplaat met (natte) gazen.
  • Droog de huidplaat deppend na, met droge gazen.
  • Begin het opvangzakje van onder naar boven in een rollende beweging vast te klikken. Controleer daarna of het zakje goed vastzit door aan het zakje te trekken.
  • Geef tijdens het aanbrengen tegendruk om het zakje makkelijker vast te kunnen klikken. Dit kan door de buikspieren aan te spannen.
  • Zorg dat het zakje licht zijwaarts afhangt en de luchtfilter (bij een darmstoma) naar boven is gericht.
  • Ruim alle materiaal op en was de handen.

Meer informatie

Website van de Nederlandse Stomavereniging
http://www.stomavereniging.nl/Stomavereniging.aspx

Website van de Stichting Stomaatje voor stomadragers
http://www.stomaatje.nl/