Onderkoeling en bevriezing

Onderkoeling en bevriezing

Van onderkoeling of hypothermie wordt gesproken als de kerntemperatuur van het lichaam lager is dan 35 °C. Normaal is deze rond de 37 °C. Onderkoeling wordt veroorzaakt door blootstelling aan kou en wordt verergerd door wind, water en lichamelijke uitputting. Onderkoeling kan zich op verschillende manier uiten. Ook de tijd waarin onderkoeling intreedt, is variabel. Onderkoeling kan ook beschermend werken. Normaal sterven de hersenen al af als er enkele minuten geen doorbloeding is. Bij een lage lichaamstemperatuur duurt die periode langer. Bij grote operaties (bijvoorbeeld openhartoperaties) wordt de lichaamstemperatuur daarom bewust verlaagd om schade aan de hersenen te verminderen.

Vraag het de medisch specialist 

Twijfels of onzekerheid na een ziekenhuisbezoek zijn heel gewoon. Gelukkig kunt u nu uw vragen als verzekerde van CZ bespreken met een onafhankelijk medisch specialist.

  • Telefonisch of online contact met een medisch specialist
  • Gratis & exclusief voor klanten van CZ
  • 100% vertrouwelijk

Zó werkt het

Wanneer treedt onderkoeling op?

Het lichaam heeft verschillende regelmechanismen om de kerntemperatuur op peil te houden:

  • Aanmaken van warmte (bijvoorbeeld door te gaan rillen).
  • Verplaatsen van warmte (bijvoorbeeld door de bloedvaatjes van de huid samen te trekken).
  • Afgeven van warmte aan de omgeving.

Als de afgifte van warmte groter is dan de aanmaak van warmte, dan gaat de lichaamstemperatuur omlaag.

Afgifte van warmte

Het lichaam kan warmte op de volgende manier afgeven:

  • Geleiding Contact met een kouder voorwerp heeft geleiding tot gevolg.
  • Straling Een onbedekt hoofd kan in de kou zeer veel van de lichaamswarmte afgeven door straling.
  • Convectie Een belangrijk mechanisme bij onderkoeling is convectie (ofwel warmtetransport). Hierin speelt de wind een grote rol. Stroming van lucht langs de (droge) huid veroorzaakt warmte-uitwisseling door convectie. Als er veel lucht langs de huid stroomt, kan dit tot afkoeling leiden. De zogenoemde ‘wind chill’ heeft hier mee te maken. Een andere term is gevoelstemperatuur. Bij een gevoelstemperatuur van -30 °C of kouder kunnen er bevriezingssymptomen optreden. Een luchttemperatuur van 30 °C onder nul is heel extreem. Maar bij een luchttemperatuur van -10 °C en een luchtsnelheid langs de huid van 30 kilometer per uur is dit wel de gevoelstemperatuur. In zo’n geval kunnen er binnen een minuut bevriezingssymptomen optreden.
  • Verdamping Het laatste mechanisme is verdamping. Hierbij zorgt het verdampen van vocht op de huid dat het lichaam afkoelt. Het maakt niet uit of dat vocht afkomstig is van zweet of van iets anders, zoals regen. Het droog houden van de huid helpt aanzienlijk om afkoeling te beperken. Ook hier speelt de luchtstroom een rol: verdamping gaat sneller in bewegende lucht, terwijl stilstaande lucht juist voor isolatie zorgt.

Verhoogd risico op onderkoeling

De volgende mensen lopen een verhoogd risico op onderkoeling:

  • Mensen die bij niet-zomerse temperaturen te water zijn geraakt. Al na enkele minuten treedt onderkoeling op.
  • Mensen die activiteiten in de buitenlucht doen, zoals sporten, bergbeklimmen of werkzaamheden. Bij vocht op de huid door flink zweten raakt men bij koud weer sneller warmte kwijt.
  • Mensen die te veel gedronken hebben. Bij alcoholgebruik verwijden de huidvaten zich, waardoor warmte verloren gaat. Vaak voelen deze mensen ook niet dat er sprake is van onderkoeling.
  • Oudere mensen hebben een groter risico op onderkoeling. Bij het ouder worden heeft het lichaam namelijk minder mogelijkheden om op temperatuur te blijven.
  • Dit geldt ook voor baby’s en kleine kinderen. Zij verliezen veel warmte via hun (relatief grote) hoofdje. Dit moet bij koude dan ook altijd bedekt zijn.
  • Mensen met bepaalde aandoeningen, zoals diabetes (zeker bij een te laag suikergehalte), een trage schildklier of dementie.
  • Mensen die bepaalde medicijnen gebruiken, zoals middelen tegen psychoses, of bètablokkers).
  • Mensen die onder narcose zijn voor een operatie.

Symptomen bij onderkoeling

Er worden drie verschillende fases in onderkoeling onderscheiden. 

Fase I: Afweerfase

De kerntemperatuur van het lichaam daalt onder de 35 °C. Symptomen die deze fase kenmerken:

  • Koude, bleke huid.
  • Normaal bewustzijn, soms licht verward.
  • Rillen, klappertanden.
  • Pijnlijke handen en voeten.
  • Onregelmatige hartslag.
  • Stijging van de bloeddruk.
  • Vertraagde ademhaling.

Maatregelen in deze fase:

  • Voorkom verdere afkoeling. Zoek beschutting tegen eventuele wind, ga het liefst naar binnen.
  • Doe eventuele natte kleding uit en trek droge kleding aan.
  • Handen en voeten opwarmen gaat het beste door de schoenen uit te doen en te wrijven.
  • Warm geleidelijk op door bijvoorbeeld dekens om te slaan en door warme, suikerrijke dranken te drinken.
  • Houd vooral het hoofd en de nek goed warm.

Fase II: Uitputtingsfase

De kerntemperatuur daalt verder en ligt tussen de 27 en 33 °C. Bijkomende symptomen:

  • Verminderd bewustzijn, traagheid of slaperigheid.
  • Verstijfde spieren (rillen en klappertanden stopt).
  • Pijn verdwijnt.
  • Trage, onregelmatig hartslag.
  • Oppervlakkige en onregelmatige ademhaling.

De maatregelen in deze fase zijn nagenoeg gelijk aan die in de vorige fase. Het opwarmen kan nu ook gebeuren in een warm bed of met lichaamswarmte van een ander. Een warme douche of bad wordt afgeraden omdat het hart niet is voorbereid op een te snelle opwarming. 

Fase III: Verlammingsfase

De kerntemperatuur daalt onder de 27 °C. Symptomen:

  • Diepe bewusteloosheid.
  • Geen reflexen, complete spierverslapping.
  • Wijde pupillen.
  • Zeer zwakke hartslag of hartritmestoornissen.
  • Zeer trage ademhaling met lange pauzes.

Het is in deze fase belangrijk om zo snel mogelijk een arts of ambulance te waarschuwen. Daarnaast is het van belang dat de persoon zo goed mogelijk verwarmd wordt door de voorgaande maatregelen toe te passen.

Wat is bevriezing?

Bevriezing doet zich voor wanneer delen van de huid en aderen door de kou zijn aangetast. In de lichaamscellen ontstaan ijskristallen die de cellen onherstelbaar beschadigen. Onbedekte en uitstekende delen van het lichaam zijn het meest kwetsbaar, zoals de oren, neus, vingers, tenen en penis.

Symptomen bij bevriezing

De beginfase uit zich doordat de huid wit wordt, brandt en prikt en veel pijn doet. Naarmate de toestand verergert, worden de aangetaste delen geheel gevoelloos. In een nog later stadium worden ze zwart: het weefsel is dan afgestorven (gangreen). Vaak is dan een amputatie nodig. Maar dit komt zelden voor. 

Als iemand dreigt te bevriezen, is het zaak om uit de kou te gaan en de lichaamsdelen warm te houden. Bijvoorbeeld door deze in kleding te wikkelen of in warm (niet heet) water te houden. Wees ook alert op de hierboven beschreven onderkoelingssymptomen. Iemand met bevriezingssymptomen moet altijd naar het ziekenhuis voor verdere beoordeling en behandeling.

Onderkoeling en bevriezing voorkomen bij activiteiten in de kou

Er kunnen verschillende maatregelen worden genomen om warm te blijven. De twee belangrijkste zijn het beperken van de luchtstroom langs de huid, en de huid zoveel mogelijk droog houden. 

Ben allereerst op de hoogte van de weersvoorspelling. Let niet alleen op de temperatuur maar ook op de neerslag en de wind. 

Kleding
Tegenwoordig is er zeer veel sport- en outdoorkleding te koop die heel goed is om de huid droog en warm te houden. Vooral de laag die direct op de huid zit, is erg belangrijk. Deze heeft als belangrijkste taak de huid droog te houden door het vocht te laten passeren. Deze onderkleding is vaak erg prijzig, maar wel noodzakelijk als iemand in de kou gaat sporten. 

De tweede laag kleding moet vooral voor warmte zorgen door een goede isolerende werking. Als het extreem koud is, moet deze laag dus dikker zijn dan wanneer het minder koud is. Het beste is een materiaal te kiezen dat goed isoleert en ook ademend is, zodat het vocht naar buiten wordt doorgelaten. 

De buitenste kledinglaag moet vooral beschermen tegen het weer. Wind- en/of waterdichte materialen zijn hiervoor erg geschikt. Vooral winddichte kleding is in koude omstandigheden aan te raden. Zo heeft de lucht geen kans om langs de huid te stromen. 

Naast deze kledingstukken is het van belang de lichaamsuiteinden goed in te pakken. Het hoofd, voeten en handen kunnen erg veel warmte afgeven als deze niet goed ingepakt zijn. Ook hiervoor zijn tegenwoordig allerlei ademende, wind- en waterdichte spullen te krijgen. Zorg er voor dat deze kleding droog is. Blaas bijvoorbeeld niet eerst in de handschoenen voor ze worden aangetrokken. In de adem zit veel vocht waardoor de handen later sneller zullen afkoelen. 

Behalve kleding tijdens de activiteiten is voldoende kleding na het sporten zeer belangrijk wanneer het koud is. Het lichaam gebruikt driekwart van de energie voor de warmteproductie. Na het sporten stopt ook deze warmteproductie voor een groot gedeelte. Iemand heeft na het sporten of tijdens de rust dus meer en warmere kleding nodig dan tijdens het sporten. Natte of vochtige kleding moet na het sporten vervangen worden door droge kleding. 

Andere maatregelen

  • Ga in extreme omstandigheden niet alleen op pad. Dit geldt vooral voor de wintersport, maar ook bij andere activiteiten. Zorg er daarnaast voor dat materiaal wordt meegenomen waarmee anderen gewaarschuwd kunnen worden.
  • Smeer blote huid in. Blote huid die niet onder kleding gestopt kan worden, kan worden ingesmeerd met bijvoorbeeld vaseline. Op die manier kan ook het gezicht worden beschermd tegen wind en water.
  • Draag een (goed sluitende) bril. Bij skiën, fietsen en andere snelle sporten is het goed een bril te dragen om ook de ogen te beschermen tegen de koude wind.
  • Zorg voor een gevulde maag. De vertering van voedsel zorgt voor warmteproductie in het lichaam. Zeker bij minder intensieve sporten is dit aan te raden.
  • Drink geen alcohol. Door alcohol koelt het lichaam sneller af. Bovendien zorgt alcohol voor een verdovend effect waardoor iemand de eerste signalen van onderkoeling pas later signaleert.
  • Geef extra aandacht aan kinderen. Kinderen onder de twaalf jaar zijn gevoeliger voor onderkoeling. Vooral door hun relatief grote hoofd kan bij kinderen meer warmte verloren gaan.

Meer informatie

Informatie van het Rode Kruis over eerste hulp bij onderkoeling 
www.rodekruis.nl/eerste-hulp/wat-te-doen-bij/paginas/onderkoeling.aspx

Informatie van het Rode Kruis over eerste hulp bij bevriezing 
www.rodekruis.nl/eerste-hulp/wat-te-doen-bij/paginas/bevriezing.aspx 

Informatie over onderkoeling 
http://nl.wikipedia.org/wiki/Bevriezing_(medisch)