Schildklieradenoom

Schildklieradenoom

Een schildklieradenoom is een goedaardig gezwel in de schildklier. Dit uit zich als een knobbel in de schildklier. Een medische term voor knobbel is nodus. Een goedaardig gezwel zaait niet uit, zoals kanker. Ook schildklierkanker kan zich presenteren als een knobbel, maar dat komt veel minder vaak voor.

Naar schatting heeft 5 procent van de Nederlanders een schildklierknobbel. Vaak wordt deze niet eens opgemerkt. Van deze knobbels is 95% goedaardig. Een schildklieradenoom komt vaker voor bij vrouwen dan bij mannen.

Volg een webinar over het vinden van de beste zorg

Hoe krijgt u de beste zorg die ook nog eens past bij úw situatie? In de gratis webinars van CZ krijgt u handig advies en praktische tips van professionals.

Bekijk hier de webinars

De schildklier

De schildklier is een orgaan in de hals. Het is een onderdeel van het hormoonstelsel. De schildklier maakt de hormonen thyroxine (T4) en trijodothyronine (T3). Om deze schildklierhormonen te kunnen maken, heeft de schildklier jodium nodig. Schildklierhormonen hebben invloed op de werking van zeer veel functies in het lichaam.

De hypofyse , regelt de werking van de schildklier. Om de schildklier te stimuleren, maakt de hypofyse het hormoon TSH.

Oorzaken

De oorzaak van schildklieradenoom is niet precies bekend.

Verschijnselen

Er is sprake van een pijnloos gezwel in de hals. Het gezwel groeit langzaam. Soms kan het gezwel jaren onopgemerkt blijven. Bij grote gezwellen kunnen slikproblemen, heesheid en pijn ontstaan. Ook de ademhaling kan bemoeilijkt zijn, waarbij de inademing piepend is. Dit wordt stridor genoemd.

Een goedaardig schildklieradenoom kan leiden tot een te snel werkende schildklier (hyperthyreoïdie). Verschijnselen als diarree, gewichtsverlies, transpireren, niet tegen warmte kunnen, onrust en trillingen kunnen daarmee samenhangen.

Diagnose

De klachten en het lichamelijk onderzoek vormen de basis bij het stellen van de diagnose. Daarnaast kan aanvullend onderzoek de diagnose bevestigen.

  • Bij bloedonderzoek wordt het gehalte van de schildklierhormonen en het THS bepaald.
  • Via echografie kan het gezwel worden afgebeeld. Tijdens dit onderzoek kan een stukje weefsel worden afgenomen voor onderzoek onder de microscoop.
  • Bij onderzoek onder de microscoop kan onderscheid tussen goedaardig en kwaadaardig worden gemaakt.
  • Via een onderzoek met radioactieve stof (schildklierscintigrafie) kan worden onderzocht of het gezwel jodium opneemt. Als het gezwel jodium opneemt, wordt dit een ‘warme nodus’ genoemd. Een ‘koude nodus’ neemt geen jodium op.

Behandeling

  • Bij een goedaardig gezwel wordt soms geen actie ondernomen.
  • Bij teken van een te snelle schildklierwerking wordt dat behandeld met geneesmiddelen.
  • Als een adenoom klachten geeft door de grootte of doordat het op andere structuren in de hals drukt, kan een gedeelte van de schildklier worden verwijderd .
  • Als er twijfel is of het gezwel nog goedaardig is, wordt een operatie gedaan.

Complicaties

Een schildklieradenoom groeit erg langzaam en wordt maar zelden kwaadaardig. In uitzonderlijke gevallen kan het gezwel gaan bloeden. Dit geeft pijnklachten in de hals.

Meer informatie

Informatie van het Universitair Medisch Centrum Groningen
http://umcg.net/aandoeningen/schildklier/92-een-knobbel-in-de-schildklier/

Website van de Schildklierstichting Nederland
www.schildklier.nl/

(Engelse) Informatie over een schildkliernodus
http://emedicine.medscape.com/article/850823-overview