Dyspraxie

Dyspraxie

Dyspraxie is een motorische ontwikkelingsstoornis. Het wordt ook wel DCD (Developmental Coordination Disorder) genoemd. Bij dyspraxie verwerken de hersenen informatie niet op de juiste wijze. Hierdoor worden bepaalde boodschappen niet goed aan het lichaam doorgegeven. Het 'doen of handelen' (de praxis) verloopt dan ook niet goed. Hierbij kan het gaan om problemen in het bedenken van wat iemand wil gaan doen (plannen), maar het kan ook gaan om problemen in het handelen zelf. Dit komt tot uiting in de coördinatie van de beweging. Dyspraxie gaat vaak samen met andere ontwikkelingsstoornissen, zoals ADHD , PDD-NOS en leerstoornissen zoals dyslexie . Dyspraxie komt voor bij ongeveer vijf procent van de schoolgaande kinderen. Het komt meer voor bij jongens dan bij meisjes.

Vraag het de medisch specialist 

Twijfels of onzekerheid na een ziekenhuisbezoek zijn heel gewoon. Gelukkig kunt u nu uw vragen als verzekerde van CZ bespreken met een onafhankelijk medisch specialist.

  • Telefonisch of online contact met een medisch specialist
  • Gratis & exclusief voor klanten van CZ
  • 100% vertrouwelijk

Zó werkt het

Oorzaken

Dyspraxie wordt waarschijnlijk veroorzaakt doordat de hersenen zich niet optimaal ontwikkeld hebben. Maar het kan ook het gevolg zijn van niet aangeboren hersenletsel , hersenschade door een ongeluk of een CVA (beroerte). Dyspraxie kan dus op alle leeftijden voorkomen. 

Symptomen

Kinderen met dyspraxie hebben over het algemeen een normale intelligentie. Meestal is op het eerste gezicht niets bijzonders aan hen te zien. De volgende handelingen kunnen voor mensen met dyspraxie een probleem vormen:

  • Het plannen en uitvoeren van taken.
  • Het bepalen van de volgorde, bijvoorbeeld bij het aankleden of het vertellen van een verhaal.
  • Coördinatie van fijne en grove motoriek (schrijven, puzzelen, fietsen, klimmen).
  • Moeite hebben met het aanleren en zich eigen maken (automatiseren) van nieuwe motorische vaardigheden. Elke nieuwe taak moet intensief worden aangeleerd en steeds worden herhaald.
  • Ruimtelijke oriëntatie: weten waar iemand zich bevindt in relatie tot de omgeving.
  • Tastzin: een lichte aanraking kan als pijnlijk worden ervaren of juist het tegenovergestelde, dat ruwe aanrakingen juist welkom zijn.
  • Concentratie.
  • Gedrag: het kind weet vaak niet welk gedrag van hem wordt verwacht, kan door onzekerheid extreem veel aandacht vragen en op emotioneel gebied soms overdreven reageren.
  • Waarneming: kleur, vorm, grootte worden onzorgvuldig waargenomen waardoor het leren bemoeilijkt wordt.
  • Oog-handcoördinatie: het is moeilijk om een beweging met de ogen te volgen. Dit zorgt vaak voor schrijfproblemen.
  • Het kortetermijngeheugen: er wordt vaak vergeten wat bijvoorbeeld zojuist is uitgelegd. Het langetermijngeheugen is daarentegen meestal uitstekend.

Wanneer het kind daarnaast problemen heeft met de spraak, wordt ook wel gesproken van verbale ontwikkelingsdyspraxie.

Alle bovenstaande handelingen zijn voor kinderen met dyspraxie heel moeilijk. Ze raken vaak gefrustreerd op school, omdat ze heel veel moeite moeten doen voor de eenvoudigste dingen. 

Behandeling

Er bestaat geen behandeling die de stoornis dyspraxie kan verhelpen. Welke begeleiding het best bij het kind aansluit, hangt van meerdere dingen af. Onder andere welke motorische problemen een kind heeft, zijn leeftijd, zijn intelligentieniveau en de stoornissen die eventueel nog naast de dyspraxie voorkomen.

Om de vaardigheden zo optimaal mogelijk te houden, is veel oefening en herhaling van het geleerde nodig. Deskundigen zoals de fysiotherapeut, ergotherapeut en logopedist kunnen iemand helpen om beter met de stoornis om te gaan. Ook is het belangrijk dat mensen uit de sociale leefwereld van het kind, de ouders en de verzorgers inzicht hebben in de problematiek. En dat zij begrip tonen voor de moeilijkheden en frustraties waarmee het kind te maken heeft.

Samenwerking tussen een fysiotherapeut, orthopedagoog, psycholoog en maatschappelijk werker kan nodig zijn wanneer de motorische problemen samengaan met gedragsproblemen.

Binnen de opvoeding of tijdens de begeleiding is het van belang dat er begrip is voor het kind met dyspraxie. De problemen van het kind komen niet voort uit onwil, het kind kan het op dat moment echt niet. 

Tips om een kind met dyspraxie te begeleiden:

  • Zorg dat het kind plezier houdt in bewegen en oefenen en dat hij activiteiten blijft doen.
  • Bekijk samen sterke positieve kwaliteiten van het kind en benoem ze.
  • Zorg voor voldoende succeservaringen door niet te hoge eisen te stellen.

Meer informatie

Informatieve website over dyspraxie, voor volwassenen en kinderen
www.dyspraxie.nl/dyspraxie
www.dyspraxie.nl/kinderen

Website met informatie rondom gedrags- en leerproblemen
www.gedragsproblemen-kinderen.info/dyspraxie

Informatie van het Centrum Jeugd en Gezin
www.cjg.nl/puber/groei-en-ontwikkeling/lichamelijke-ontwikkeling/dyspraxie

Informatie over dyspraxie
www.opvoedadvies.nl

Stel een vraag aan de pedagoog