Let op! Deze gegevens zijn mogelijk niet meer actueel.

Trichotillomanie

Trichotillomanie is een psychische aandoening met een terugkerende drang het eigen haar uit te trekken. Het gevolg is een opvallend haarverlies met kale plekken. Trichotillomanie valt onder de stoornissen in de impulsbeheersing. Het begint meestal in de kindertijd of puberteit. Het komt vaker voor bij vrouwen.

Oorzaken

De oorzaak van trichotillomanie is niet bekend. Bepaalde onderzoeken wijzen naar erfelijkheid als belangrijke factor voor het ontstaan van de aandoening. Daarnaast hebben ingrijpende levensgebeurtenissen verband met het optreden van trichotillomanie. Ingrijpende levensgebeurtenissen zijn bijvoorbeeld verlies van een dierbare, overgang naar een andere school, middelenmisbruik of problemen in het gezin of familie.

Ook kunnen bepaalde hormonale veranderingen in de puberteit de aanzet geven tot de symptomen.

Trichotillomanie kan tegelijkertijd voorkomen met andere psychische aandoeningen, zoals een obsessief-compulsieve stoornis, depressie, angststoornis en eetstoornis.

Vraag het de medisch specialist 

Twijfels of onzekerheid na een ziekenhuisbezoek zijn heel gewoon. Gelukkig kunt u nu uw vragen als verzekerde van CZ bespreken met een onafhankelijk medisch specialist.

  • Telefonisch of online contact met een medisch specialist
  • Gratis & exclusief voor klanten van CZ
  • 100% vertrouwelijk

Zó werkt het

Symptomen van trichotillomanie

Het kenmerkende symptoom bij trichotillomanie is de onbeheersbare drang het eigen haar uit te trekken. De patiënt voelt een ondraaglijke spanning voordat het haar wordt uitgetrokken. Hij ervaart een gevoel van genoegen en opluchting na het haren uittrekken. Het haren uittrekken vindt soms ook plaats wanneer er geen spanning is, bijvoorbeeld als de patiënt zich alleen of verveeld voelt. Als hij probeert de drang te weerstaan, neemt de psychische spanning enorm toe.

Meestal trekken patiënten vooral de haren uit achter en boven op het hoofd. Minder trekken zij aan haren van de wimpers, wenkbrauwen, de schaamstreek of het gezicht. In een enkel geval worden haren van anderen of van huisdieren of poppen uitgetrokken.

Het bij herhaling uittrekken van het haar leidt tot zichtbare kale plekken. Het haarverlies is vaak te zien op verspreide plekken en geeft een 'mottige' aanblik. Op de plaats van het haarverlies kan roodheid en soms een infectie ontstaan. Soms wordt het uitgetrokken haar opgegeten. Dit kan leiden tot ernstige complicaties.

Het haar uittrekken kan gedachteloos of juist met aandacht gebeuren. Gedachteloos haren uittrekken vindt meestal plaats wanneer de patiënt zit. Dit is bijvoorbeeld tijdens het televisie kijken, telefoneren, lezen of bezig zijn aan een bureau. De patiënt kan ook met aandacht het haar uittrekken als hij zich er helemaal op richt.

Vaak doet het haren uittrekken bij deze stoornis geen pijn. Het haar wordt meestal met de duim en wijsvinger uitgetrokken. Soms wordt ook een pincet of ander instrument gebruikt.

Patiënten ontkennen vaak dat zij haren uittrekken. Ze doen veel moeite om de kale plekken te verbergen. Ze besteden overdreven veel tijd aan het opmaken van het hoofdhaar. Het is ook mogelijk dat de patiënt een pruik of een hoofddeksel draagt.

Mensen met trichotillomanie vermijden activiteiten of situaties waarin het haarverlies aan het licht komt. Dit zijn bijvoorbeeld zwemmen, in de wind lopen of aanwezig zijn in fel verlichte ruimten. Ook gaan zij innige relaties vaak uit de weg om het gedrag te verbergen. Het haren uittrekken kan voor grote problemen in de sociale en beroepsmatige sfeer zorgen.

Diagnose

De arts stelt de diagnose op basis van de medische voorgeschiedenis, het verhaal van de patiënt en de symptomen. Ook wordt een lichamelijk onderzoek verricht. Hieruit vaak blijkt vaak dat zowel normale als korte, afgebroken haren aanwezig zijn.

Verder wordt een psychiatrisch onderzoek uitgevoerd om de diagnose te bevestigen. Aanvullende onderzoeken zoals een huidbiopsie kunnen onderliggende aandoeningen uitsluiten. Dit is bijvoorbeeld een huidinfectie met haarverlies.

Behandeling van trichotillomanie

De behandeling van trichotillomanie bestaat uit gedragstherapie en geneesmiddelen.

Gedragstherapie is een vorm van psychotherapie. De patiënt wordt bewuster gemaakt van het kenmerkende gedrag. Ook probeert de patiënt door therapie de gewoonte van het haren uittrekken af te leren. Hij leert andere fysieke activiteiten te doen ter afleiding van het haren uittrekken.

Geneesmiddelen tegen depressie (antidepressiva) kunnen ook nuttig zijn om de symptomen van trichotillomanie te bestrijden. Deze zijn pas echt doeltreffend in combinatie met gedragstherapie.

Gevolgen

Trichotillomanie kan leiden tot verlies van zelfrespect, schaamte en depressie. Het komt zelfs voor dat mensen hun baan of relatie uit schaamte voor de stoornis opgeven. Het opeten van het uitgetrokken haar kan ook leiden tot complicaties. Dit kan op termijn leiden tot voedingsproblemen en darmverstoppingen.

Vooruitzichten

Trichotillomanie die begint in de kindertijd verdwijnt vaak vanzelf op tienerleeftijd. Als de stoornis later in het leven is begonnen, heeft deze meestal een langdurig beloop. De symptomen nemen hierbij steeds toe en af. De vooruitzichten verbeteren bij tijdige vaststelling van de stoornis en de juiste behandeling.

Meer informatie


Informatie van het Academisch Medisch Centrum over trichotillomanie
www.amcpsychiatrie-angst.nl/trichotillomanie_en_skin_picking

Informatie van The National Institutes of Health over trichotillomanie (Engelstalig)
www.ncbi.nlm.nih.gov/Trichotillomania

Artikel uit het tijdschrift Dermatologic Clinics
www.ncbi.nlm.nih.gov/psychologic-trauma