Knieklachten

Knieklachten

De knie

De knie is een gewricht waarin het dijbeen (femur), het scheenbeen (tibia) en het kuitbeen (fibula) samenkomen. Aan de voorkant wordt de knie beschermd door de knieschijf (patella). In en rond het gewricht zorgen spieren, banden, kapsels en andere structuren voor stevigheid. De meniscussen zorgen ervoor dat de botten goed op elkaar passen. 

Knieklachten zijn vaak het gevolg van bepaalde aandoeningen of blessures. In deze tekst staat welke dat zijn.

Vraag het de medisch specialist 

Twijfels of onzekerheid na een ziekenhuisbezoek zijn heel gewoon. Gelukkig kunt u nu uw vragen als verzekerde van CZ bespreken met een onafhankelijk medisch specialist.

  • Telefonisch of online contact met een medisch specialist
  • Gratis & exclusief voor klanten van CZ
  • 100% vertrouwelijk

Zó werkt het

Aandoeningen die knieklachten veroorzaken

Artrose en artritis in de knie

  • Artrose gaat vaak samen met artritis. De knie is dan ontstoken. Symptomen van artritis kunnen onder andere roodheid, warmte of vocht in de knie zijn. Dit kan bijvoorbeeld ook voorkomen bij reumatoïde artritis of jicht.
  • Bij artrose vermindert de kwaliteit van het kraakbeen in de gewrichten. Mensen met artrose hebben last van pijn, stijfheid en verminderde beweeglijkheid. Het komt naar verhouding vaak voor in de knie.

Chondromalacie

  • Bij chondromalacie verweekt of slijt het kraakbeen onder de knieschijf. Deze aandoening komt vooral voor bij jongvolwassenen.
  • Chondromalacie geeft meestal een zeurende en doffe pijn aan de voorkant van de knie. De pijn kan toenemen bij traplopen, hurken, knielen of langdurig met een gebogen knie zitten.
  • Een knieschijf verschuift meestal door direct letsel. Een gedeeltelijke verschuiving kan ontstaan bij mensen: die voor hun werk of hobby vaak of langdurig knielen of hurken, met losse gewrichtsbanden en bij wie de knieschijf kleiner is of hoger zit dan normaal.
  • Hierdoor ontstaat er meer speling rondom de knieschijf of glijdt de knieschijf niet soepel omhoog en omlaag, waardoor er verkeerde druk op het kraakbeen ontstaat. Slijtage van het kraakbeen onder de knieschijf kan door dit proces versnellen.

Behandeling knieblessures

  • Bij knieblessures is het belangrijk om zo snel mogelijk goed te koelen (maximaal 10 minuten koelen).
  • Raadpleeg bij het vermoeden van een breuk direct een arts (huisartsenpraktijk of huisartsenpost).
  • Bij ander letsel kun je in principe afwachten worden tot de volgende dag, maar is het wel verstandig een arts te raadplegen.

Mensen met knieblessures kunnen de schade zelf beperken door:

  • Rust te nemen.
  • Anders te trainen.
  • Spierversterkende oefeningen te doen.
  • De knie te koelen.

Knieklachten voorkomen

De kans op knieklachten is te verkleinen door goed te trainen en door de juiste schoenen te kiezen. Ook de omgeving en het lichaamsgewicht kunnen van invloed zijn. Hieronder enkele tips.

Training

  • Begin altijd met een goede warming-up: Beweeg 5 tot 10 minuten op een rustige intensiteit waar je wel warm van wordt. Doe daarna verschillende oefeningen om de spieren los te maken. Draai bijvoorbeeld met de voet rondjes of andere figuren in de lucht. Of draai met de hak rondjes terwijl de tenen op de grond blijven staan. Doe deze oefeningen ongeveer 15 seconden per keer en herhaal dit 2 tot 3 keer. Draai rustige, gecontroleerde figuren. Herhaal hierna de oefeningen kort in een hoger tempo.
  • Zorg voor een goede trainingsopbouw. Voer de intensiteit en de omvang van de trainingen geleidelijk op. Bouw de training dus zeer langzaam op tot het oude niveau. Dat is vooral belangrijk na een blessure of ziekte.
  • Beëindig de training altijd met een cooling-down. Deze kan bestaan uit enkele minuten rustig bewegen en het uitvoeren van de bovenstaande oefeningen.

Deze oefeningen kun je ook thuis doen om de spieren te versterken. Verder kunnen de oefeningen ook preventief worden gedaan.

Goede sportschoenen

  • Draag sportschoenen: die goed passen, met een schokdempende en stevige zool, een stevige hielsteun, een hoge soepele hielrand en een zool waarmee het makkelijker wordt om op de gebruikte ondergrond te draaien.
  • Heb je (lichte) voetafwijkingen, bijvoorbeeld knikplatvoeten? Hou daar dan rekening mee bij de aanschaf van nieuwe sportschoenen. Een goede sportspeciaalzaak kan aangeven wat de juiste sportschoenen zijn.
  • Soms is het noodzakelijk om bij voetafwijkingen of een beenlengteverschil een speciale aanpassing in of onder de sportschoen te laten maken. Het best kan een orthopedisch schoenmaker dit doen.

Omgeving

  • Train zoveel mogelijk op een zachte, maar wel effen ondergrond (bos, gras)
  • Vermijd glibberige ondergronden.
  • Als je geen lichamelijke klachten hebt, varieer de ondergrond dan zoveel mogelijk tijdens de training. Deze variatie zorgt ervoor dat spieren en pezen zich goed ontwikkelen en zich beter kunnen aanpassen aan de omstandigheden.

Lichaamsgewicht
Sporters met een (te) hoog lichaamsgewicht, lopen een grotere kans op blessures. Bij overgewicht helpt afvallen mee om overbelasting te voorkomen.