Dikke darmoperatie

Dikke darmoperatie

Bij een dikke darmoperatie (colectomie) wordt de dikke darm helemaal (totaal) of voor een deel (subtotaal) verwijderd. Bij een hemicolectomie wordt het rechter- of linkerdeel van de dikke darm verwijderd. De darm kan met een klassieke ‘open’ operatie worden verwijderd of via een kijkoperatie (laparoscopie). Bij die laatste ingreep is het litteken veel kleiner en herstelt de patiënt sneller.

Volg een webinar over het vinden van de beste zorg

Hoe krijgt u de beste zorg die ook nog eens past bij úw situatie? In de gratis webinars van CZ krijgt u handig advies en praktische tips van professionals.

Bekijk hier de webinars

Toepassing

Een dikke darmoperatie kan nodig zijn bij aandoeningen als dikke darmkanker , familiaire adenomateuze polyposis, de ziekte van Crohn, colitis ulcerosa of ernstige divertikelziekte. Soms moet een dikke darmoperatie meteen (acuut) plaatsvinden, bijvoorbeeld als een deel van de dikke darm afsterft (ischemische colitis).

Voorbereiding

De dag voor de dikke darmoperatie worden de darmen gespoeld. Vlak voor de operatie krijgt de patiënt via een infuus antibiotica. Dit verkleint de kans op infectie.

Procedure

De operatie wordt onder volledige narcose uitgevoerd. Meestal krijgt de patiënt via een ruggenprik extra verdoving. Maagsappen worden afgevoerd via een neussonde. Voor de urine wordt blaaskatheter aangelegd.
De chirurg maakt een snee in de buik tussen het schaambeen en de navel. Hij zoekt het zieke stuk van de darm op en snijdt het los. De gezonde uiteinden van de darm hecht hij daarna aan elkaar. Als het laatste deel van de dikke darm of de endeldarm is verwijderd, kan er niet genoeg darm over zijn om aan elkaar te hechten. Het onderste deel wordt dan gesloten. Het bovenste deel wordt in de huid ingehecht. Door deze uitgang in de buik (colo)stoma komt de ontlasting naar buiten. Als de hele dikke darm is verwijderd, wordt van de dunne darm een (ileo)stoma gemaakt.
Voordat de chirurg de huid sluit, legt hij een slang (drain) aan om wondvocht en bloed uit de buikholte af te voeren. Als er een grote kans is op infectie laat hij de wond open. Die sluit zich binnen een aantal weken vanzelf.
Met een microscoop wordt het weggehaalde deel van de darm in het laboratorium onderzocht

Nazorg

De patiënt krijgt via een infuus vloeistof en antibiotica. Via het slangetje van de ruggenprik krijgt hij pijnstillers. Als de darmen weer op gang zijn gekomen, wordt de neussonde verwijderd. De patiënt mag dan weer vast voedsel eten. Het is belangrijk dat de patiënt snel uit bed komt. De blaaskatheter wordt daarom zo snel mogelijk verwijderd. Indien nodig leert een stomaverpleegkundige de patiënt omgaan met een stoma.
Meestal kan de patiënt binnen twee weken naar huis. Het herstel duurt enkele weken tot maanden. Dat is afhankelijk van de grootte van de operatie en de gezondheid van de patiënt.
Of een patiënt met darmkanker verder moet worden behandeld, hangt af van de uitslag van het laboratoriumonderzoek.

Complicaties

De patiënt kan last krijgen van algemene complicaties, bijvoorbeeld een nabloeding, trombose of een infectie van de longen of blaas. Ook kan hij een wondinfectie krijgen en kan de naad van de aan elkaar gehechte darmen lekken. Daardoor kan hij buikvliesontsteking krijgen.
De hechtingen van de buik en het onderhuids bindweefsel kunnen plotseling loslaten. Dit heet een ‘Platzbauch’ en is een ernstige complicatie.
De plek waar de darmdelen op elkaar zijn aangesloten, kan later vernauwen. Als de darminhoud daardoor niet goed verder kan, kan de darm verstopt raken.
Soms duurt het langer voordat de darmen op gang komen en de patiënt weer kan eten. Een stoma kan ook complicaties geven.

Meer informatie

http://www.mlds.nl/operaties/28/dikke-darmoperatie/
Informatie van de Maag Lever Darm stichting

http://www.chirurgenoperatie.nl/pagina/darmkanker/colon_rectum.php
Website van een groep Nederlandse chirurgen

http://www.operatieinfo.nl/zoekresultaten_detail.asp?CAT=tekst&ID=10
Website van de chirurgen in opleiding van het Jeroen Bosch ziekenhuis te Den Bosch

Lezoche, E., Feliciotti, F., Paganini, A.M. et al. (2002), “Laparoscopic vs. Open Hemicolectomy for Colon Cancer”, Surgical Endoscopy, vol. 16, no. 4, April, pp. 596-602. Available [Online]
http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?cmd=Retrieve&db=PubMed&list_uids=11972196&dopt=Abstract