Let op! Deze gegevens zijn mogelijk niet meer actueel.

Dijbeenbreuk (hernia femoralis)

De medische naam voor dijbeenbreuk is hernia femoralis. Dijbeenbreuken komen vooral voor bij vrouwen. Bij een dijbeenbreuk stulpt een orgaan vanuit de buikholte, meestal een deel van de darmen, uit in het dijbeenkanaal. Dit is zichtbaar als een bobbel net onder de liesplooi.
Het dijbeenkanaal (canalis femoralis) is een doorgang bovenaan de dij tussen de liesband (ligamentum inguinalis) en de voorzijde van het bekken. Door dit kanaal lopen de grote bloedvaten en lymfevaten vanuit de buik naar het been.
Het risico bestaat dat een stuk darm bekneld raakt in de breuk, waardoor de bloedvoorziening naar het uitstulpende deel van de darm belemmerd raakt. Bij een dijbeenbreuk is de kans op inklemming van de darmen groter dan bijvoorbeeld bij een liesbreuk. Daarom is operatief ingrijpen noodzakelijk.

Vraag het de medisch specialist 

Twijfels of onzekerheid na een ziekenhuisbezoek zijn heel gewoon. Gelukkig kunt u nu uw vragen als verzekerde van CZ bespreken met een onafhankelijk medisch specialist.

  • Telefonisch of online contact met een medisch specialist
  • Gratis & exclusief voor klanten van CZ
  • 100% vertrouwelijk

Zó werkt het

Oorzaken

Elke aandoening waarbij de druk in de buik toeneemt, kan een dijbeenbreuk veroorzaken. Denk aan een aanhoudende hoest of te hard persen tijdens de stoelgang of bij het plassen.
Dijbeenbreuken komen vooral voor bij vrouwen, meestal op wat latere leeftijd. De spieren in de onderbuik en het bekken kunnen verzwakt zijn tijdens de bevalling: daarom is het risico het grootst bij vrouwen die meerdere kinderen hebben gehad. De inhoud van de buikholte kan door de verzwakte spieren gemakkelijker naar buiten komen. Ook mensen die al eerder aan een liesbreuk zijn geopereerd, hebben meer kans op een dijbeenbreuk.

Verschijnselen

Een dijbeenbreuk kan zich in één of beide dijen voordoen. De patiënt heeft een bobbel op het bovenbeen, net onder de lies. Deze wordt groter op momenten dat de druk in de buik toeneemt, zoals bij hoesten, niezen of persen. De breuk kan soms zo klein zijn dat deze door de betrokkene niet eens wordt opgemerkt. Meestal gaat een dijbeenbreuk niet gepaard met pijnklachten

Diagnose

De diagnose dijbeenbreuk wordt gesteld op basis van de verschijnselen, de medische voorgeschiedenis en een lichamelijk onderzoek. Soms is aanvullend onderzoek nodig in de vorm van echografie .

Behandeling

In verband met de grote kans op inklemming van de darmen wordt een dijbeenbreuk in principe altijd operatief behandeld. Dit kan gebeuren door middel van een ‘normale’, open operatie of met een kijkoperatie (laparoscopie).
Tijdens de operatie wordt de naar buiten getreden buikinhoud terug in de buikholte geduwd op de plaats waar deze hoort. De zwakke plek in het weefsel wordt vervolgens hersteld of gehecht. Omdat de breuk bij een dijbeenbreuk meestal klein is, is het inhechten van een matje over het algemeen niet nodig.
Om te voorkomen dat een breuk terugkomt, is het van belang de oorzaak te behandelen, zoals het aanhoudend hoesten, de verstopping (obstipatie) of het moeilijk urineren.

Complicaties

De belangrijkste complicatie van een dijbeenbreuk is inklemming. De kans hierop is groot, omdat de bovenste opening van het dijbeenkanaal waardoor de darm uitpuilt, nauw en onbuigzaam is. Als een stuk darm vast komt te zitten in zo’n beklemde breuk, raakt de bloedtoevoer naar dat deel van de darm afgesloten. Dit leidt tot een darmafsluiting (ileus ) met hevige pijn en braken tot gevolg. Door de verminderde bloedtoevoer kan het beklemde deel van de darm afsterven. Dit is een spoedeisende situatie die snel medisch ingrijpen vereist.

Meer informatie


Eubanks, S. (1997), Hernias, in: Sabiston, D.C. (ed), Textbook of Surgery, 15th edn, W.B. Saunders Company, London.

Hernandez-Richter, T., Schardey, H.M., Rau, H.G. et al. (2000), “The Femoral Hernia: An Ideal Approach for the Transabdominal Preperitoneal Technique (TAPP)”, Surgical Endoscopy, vol. 14, no. 8, August, pp. 736-740.
http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?cmd=Retrieve&db=PubMed&list_uids=10954820&dopt=Abstract

Kingsnorth, A. and Bennett, D.H. (2000), Hernias, Umbilicus, Abdominal Wall, in: Russell, R.C.G., Williams, N.S. and Bulstrode, C.J.K. (eds), Bailey and Love’s Short Practice of Surgery, 23rd ed, Arnold, London.

Mikkelsen, T., Bay-Nielsen, M. and Kehlet, H. (2002), “Risk of Femoral Hernia after Inguinal Herniorrhaphy”, The British Journal of Surgery, vol. 89, no. 4, April, pp. 486-488.
http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?cmd=Retrieve&db=PubMed&list_uids=11952593&dopt=Abstract

Over Medicinfo

Medicinfo biedt betrouwbare, actuele informatie over gezond zijn, gezond blijven - en wat u daar zelf aan kunt doen.