Let op! Deze gegevens zijn mogelijk niet meer actueel.

Afsluiting arteria centralis retinae (arteriestamocclusie)

De arteria centralis retinae is de hoofdslagader van het netvlies. Wanneer deze acuut verstopt en dus afgesloten raakt, wordt de doorbloeding van het netvlies onderbroken. Dit wordt een arteriële stamocclusie of arteriestamocclusie genoemd. Als de bloedcirculatie niet binnen enkele uren weer op gang komt, zal er onherstelbare schade aan het netvlies ontstaan. Met als gevolg totale of gedeeltelijke blindheid aan het oog. Een arteriële occlusie in het oog is dus net zoiets als een hartinfarct of een herseninfarct, maar dan in het oog.

Vraag het de medisch specialist 

Twijfels of onzekerheid na een ziekenhuisbezoek zijn heel gewoon. Gelukkig kunt u nu uw vragen als verzekerde van CZ bespreken met een onafhankelijk medisch specialist.

  • Telefonisch of online contact met een medisch specialist
  • Gratis & exclusief voor klanten van CZ
  • 100% vertrouwelijk

Zó werkt het

Oorzaak

Meestal wordt een acute afsluiting van de hoofdslagader van het netvlies veroorzaakt door een klein propje afkomstig uit andere bloedvaten of uit het hart. Aangezien de binnenkant van het netvlies alleen door de hoofdslagader van bloed wordt voorzien, ontstaat in geval van afsluiting zeer snel een bloedtekort in het hele netvlies. De zintuigcellen en zenuwcellen die in het netvlies aanwezig zijn, hebben doorlopend zuurstof en voedingsstoffen nodig, dat via het bloed wordt aangevoerd. Soms treedt er ook een arteriële stamocclusie op zonder dat er sprake is van een bloedpropje. Dit wordt dan meestal veroorzaakt door problemen in de vaatwand van de hoofdslagader van het netvlies of door afwijkingen in de samenstelling van het bloed.

Afsluiting door een bloedpropje
Bloedpropjes (of embolen) die een arteriële stamocclusie veroorzaken, kunnen vanuit het hart, de halsslagaders of elders uit het lichaam komen. De samenstelling van het bloedpropje verschilt:

  • Bloedpropjes uit het hart
    - kalkpropjes afkomstig van kalkplekken in de hartkleppen
    - ‘bacteriepropjes’ bij een ontsteking van de binnenwand van het hart (bacteriële endocarditis)
    - bloedpropjes na een myocardinfarct of bij uitpuiling (prolaps) van de (mitralis) hartklep
    - slijmweefselgezwel (myxomateus weefsel) bij een goedaardige tumor (myxoma) in de voorkamer van het hart (zeer zeldzaam)
  • Bloedpropjes uit de halsslagaders
    - cholesterolpropjes (bij atherosclerose)
    - bloedplaatjes-fibrinepropjes (bij atherosclerose)
    - kalkpropjes (bij atherosclerose)
  • Bloedpropjes uit de 'algemene' bloedcirculatie
    - vetpropjes (bij grote beenderbreuken kunnen vetdeeltjes uit het beenmerg in de bloedbaan terechtkomen).
    - talkpropjes: bij druggebruikers die ‘spuiten’ kunnen stukjes talk in de bloedbaan terechtkomen.

Afsluiting door een probleem met het bloed of de vaatwanden
Voorbeelden van problemen met het bloed of de vaatwanden die kunnen leiden tot een afsluiting van de arteria centralis retinae zijn:

  1. Vernauwing van de vaatwand
    De wand van de arteria centralis retinae kan vernauwd zijn door atherosclerose. Deze aandoening ontstaat door hoge bloeddruk (hypertensie), diabetes, roken, een hoog cholesterolgehalte of erfelijke aanleg.
  2. Een ontsteking van de vaatwand van de hoofdslagader
    Dit komt wel voor bij jonge mensen met als lupus (een ernstige huidziekte), de ziekte van Behçet of polyarteritis nodosa. Bij oudere mensen kan ook arteritis temporalis een ontstekingsreactie in de hoofdslagader van het oog veroorzaken.
  3. Afwijkingen in de samenstelling van het bloed
    Bij bloedstollingafwijkingen en aandoeningen die gepaard gaan met teveel ingedikt of viskeus bloed kunnen plaatselijk bloedklonters ontstaan. Voorbeelden van dergelijke aandoeningen zijn het antiphospholipidensyndroom, proteïne C en S-tekort, sikkelcelziekte en polycythaemia vera
  4. Retinale migraine (zeer zeldzaam)

Verschijnselen

Bij een acute afsluiting van de hoofdslagader van het netvlies ontstaat meestal plotseling een zeer ernstige slechtziendheid of blindheid in het aangetaste oog. Soms wordt de blijvende slechtziendheid voorafgegaan door aanvallen van slecht of wazig zien. Deze aanvallen kunnen enkele minuten tot enkele uren duren, waarna het gezichtsvermogen weer herstelt. Aan de buitenkant van het oog is niets te zien; het oog is niet rood of geïrriteerd.

Sommige mensen hebben naast de hoofdslagader nog een ander bloedvat (het zogenaamde cilioretinaal bloedvat) dat een deel van het netvlies tussen de oogzenuw en de gele vlek van bloed voorziet. Is dit bloedvat aanwezig, dan blijft er bij een verstopping van de hoofdslagader nog een klein centraal stukje van het gezichtsveld behouden.

In uitzonderlijke gevallen kan het gezichtsvermogen in de loop van de volgende dagen weer verbeteren als de bloedcirculatie weer op gang komt, maar in de meeste gevallen is de slechtziendheid blijvend door ernstig zuurstofgebrek in het netvlies. Maar de situatie kan nog verder ontaarden. Er kan na enkele weken of maanden een wildgroei van nieuwe bloedvaatjes ontstaan. Deze kunnen tot ernstige complicaties leiden, zoals een pijnlijk rood oog met hoge oogdruk (neovasculair glaucoom) en volledige blindheid.

Diagnose

Arteriële stamocclusie wordt door de oogarts vastgesteld. Daarna voert ook de internist een aantal onderzoeken uit.

Onderzoek door de oogarts:
  1. Onderzoek van de gezichtsscherpte op afstand (visus meten)
    Meestal is het gezichtsvermogen afgenomen tot het zien van licht (met of zonder projectie) of vage handbewegingen.
  2. Onderzoek van de pupilreflexen van het oog
    Meestal reageert de pupil niet meer op licht dat in het aangetaste oog wordt geschenen.
  3. Oogfundusonderzoek (oogspiegelonderzoek)
    Hierdoor kan de oogarts, na het verwijden van de pupil met oogdruppels, het netvlies bekijken. Soms zijn er propjes zichtbaar en is te zien hoe de bloedcirculatie van het netvlies stagneert. Als dit het geval is, zal het aangetaste netvlies na een paar uur bleek worden en opzwellen (ischemisch oedeem) door zuurstofgebrek. Vervolgens zal de rode kleur van het onderliggende vaatvlies niet meer doorschemeren, behalve in het centrum waar het netvlies zeer dun is. Dit contrast tussen het roodgekleurde centrum en de bleke omgeving, wordt wel ‘rode kers’ (cherry red spot) genoemd.
  4. Aanvullend oogonderzoek is meestal niet nodig om de diagnose arteriële stamocclusie te stellen. In twijfelgevallen kan de oogarts een fluorescentie-angiogram aanvragen om de diagnose te bevestigen of om meer informatie te verkrijgen.

Naar de internist
Het is altijd van belang om de onderliggende oorzaak van arteriële stamocclusie te laten opsporen door een internist. Een onderzoek van hart en bloedvaten is hierbij belangrijk. Dat kan meestal gebeuren door niet-invasief onderzoek, bijvoorbeeld door het maken van een echocardiogram van het hart en Doppler-echografie van de halsvaten. Met name bij jonge mensen moet een systeemziekte uitgesloten worden.
Bij ouderen wordt meestal een eenvoudig bloedonderzoek (CRP en bloedbezinking) uitgevoerd om een arteritis temporalis uit te sluiten als oorzaak van de vaatafsluiting.

Behandeling

Wordt de diagnose zeer snel gesteld (meestal lukt dat niet) dan kan worden geprobeerd om de bloedcirculatie in het netvlies opnieuw op gang te brengen.

Enkele methoden hiervoor zijn:

  1. oogmassage: door gedurende 5 tot 15 seconden op het oog te drukken en weer los te laten, kan het propje dat de hoofdslagader verstopt soms vrijkomen en kan de bloedcirculatie weer op gang komen.
  2. oogdruk verlagen: methoden om de oogdruk tijdelijk sterk te verlagen in een poging om de bloedcirculatie te bevorderen, bijvoorbeeld door medicijnen zoals Diamox of door met een fijne naald een druppeltje oogvocht uit het oog te halen.
  3. bloedverdunnende medicijnen: deze worden meestal met een infuus rechtstreeks in de bloedbaan gebracht.

Helaas treedt door de bovengenoemde behandelingen bij de meeste patiënten geen verbetering van het gezichtsvermogen op, of is de verbetering zeer gering.

Wanneer de oorzaak bekend is van de afsluiting van de slagader, wordt deze zo mogelijk behandeld. Bij verdenking van arteritis temporalis, wordt met een zogenaamde cortisonebehandeling gestart om aantasting van het andere oog te voorkomen. Na een vaatafsluiting in het oog schrijft de oogarts een lichte bloedverdunner voor, zoals een lage dosis aspirine. Zo wordt de bloedcirculatie in het hele lichaam verbeterd en de kans op een nieuwe vaatafsluiting in het oog of elders minder.

Prognose

In uitzonderlijke gevallen kan het gezichtsvermogen in de loop van de volgende dagen weer verbeteren als de bloedcirculatie weer op gang komt, maar In de meeste gevallen is de slechtziendheid blijvend door ernstig zuurstofgebrek in het netvlies. Maar de situatie kan nog verder ontaarden. Er kan na enkele weken of maanden een wildgroei van nieuwe bloedvaatjes ontstaan. Op deze manier probeert het lichaam het getroffen deel van het netvlies toch weer van bloed te gaan voorzien. De bloedvaatjes zijn echter disfunctioneel en bloeden snel. Daarnaast kunnen ze het netvlies van zijn plaats trekken. Om de wildgroei van bloedvaatjes te onderdrukken, kan een laserbehandeling nodig zijn.

Meer informatie

Informatie van het Oogcentrum Deventer
www.oogartsen.nl

Informatie van het Nederlands Oogheelkundig Gezelschap
www.oogheelkunde.org

James B, Chew C, Bron A. Zakboek oogheelkunde derde druk. Elsevier Gezondheidszorg. Maarssen 2004.