Vulvacysten

Vulvacysten

Een cyste is een blaasje of een holte gevuld met een vloeibare of half vloeibare inhoud. De vulva omvat de uitwendige geslachtsdelen van de vrouw, zoals de schaamlippen en de clitoris. Op de vulva kunnen verschillende soorten cysten voorkomen. De meest voorkomende vulvacysten zijn bartholincysten. Daarnaast kunnen talgcysten, epidermale inclusiecysten, cysten van Nuck en cysten van Skene voorkomen.

Chat met een verpleegkundige

Twijfels of u naar de dokter moet? Of hebt u een korte vraag over uw gezondheid? Chat direct met een verpleegkundige via de app van CZ.

  • Gezondheidsadvies via chat
  • Start een chat en stel meteen uw vraag
  • Stuur een foto mee van uw klacht
  • Uw gegevens zijn veilig en blijven vertrouwelijk
  • 7 dagen per week bereikbaar (ook ’s avonds)
  • Bekijk een overzicht van al uw gesprekken

Download app de verpleegkundige

Oorzaken


Bartholincysten

De kliertjes van Bartholin bevinden zich aan weerskanten van de opening van de vagina. Ze vormen slijm dat onderdeel is van de vaginale afscheiding. Bartholincysten ontstaan wanneer deze afvoerbuisjes verstopt raken. Het geproduceerde slijm kan dan niet weg en hoopt zich op. De afsluiting heeft vaak geen duidelijk aanwijsbare reden, maar kan veroorzaakt worden door een trauma (bijvoorbeeld na een bevalling) of door een infectie. Zo’n infectie kan veroorzaakt worden door bacteriën als gonorroe en chlamydia. Bartholincysten komen vaak voor bij vrouwen in de vruchtbare leeftijd.

Een bartholincyste kan optreden zonder symptomen. Een ontsteking van de bartholincyste (bartholinitis) kan gepaard gaan met abcesvorming en geeft vaak hevige pijn.

Talgcysten
Talgklieren produceren talg. Talgcysten op de vulva zijn het gevolg van een verstopping van deze talgklieren. De geproduceerde talg kan dan niet weg en hoopt zich op. Deze cysten bevinden zich meestal in de plooien van de schaamlippen.

Epidermale inclusiecysten
Epidermale inclusiecysten ontstaan wanneer stukjes van de opperhuid (epidermis) worden opgesloten in de huid. Dit kan ontstaan na een episiotomie. Dit is een knip die bij een bevalling wordt gezet in het perineum, het gebied tussen vagina en anus, om de vagina-opening groter te maken.

Epidermale inclusiecysten kunnen ook aangeboren zijn doordat restanten van de embryonale ontwikkeling in de huid zijn opgesloten. Deze cysten kunnen zich vanuit de vagina uitbreiden in de vulva.

Cysten van Nuck
Het kanaal van Nuck is een uitstulping van het buikvlies die doorloopt in het lieskanaal. Als deze uitstulping wordt afgesloten, kan er een ophoping van vocht en dus een cyste ontstaan.

Cysten van Skene
De klieren van Skene zijn klieren die zich rond de uitgang van de urinebuis (urethra) bevinden. Ze vormen het vaginale vocht dat wordt afgegeven bij seksuele opwinding. Cysten van Skene ontstaan doordat deze kliertjes verstopt raken. Het geproduceerde vocht hoopt zich dan op.

Symptomen

Een cyste kan hard of week aanvoelen, beweeglijk zijn of vastzitten in de huid.

Kleine cysten veroorzaken over het algemeen geen klachten. Na verloop van tijd kunnen de cysten echter groeien en ontstoken raken. Dan worden ze pijnlijk en veroorzaken ze koorts. Grote cysten veroorzaken ongemak, pijn tijdens en na de geslachtsgemeenschap (dyspareunie), en kunnen gemakkelijk geïnfecteerd raken.

Epidermale inclusiecysten hebben een kleine opening en kunnen leeggedrukt worden waarbij er een korrelige, gelige afscheiding vrijkomt. Cysten van Skene kunnen leiden tot problemen bij het plassen. De bartholincysten kunnen de ingang van de vagina blokkeren waardoor het inbrengen van een tampon en het hebben van geslachtsgemeenschap bemoeilijkt worden.

Diagnose

De diagnose van vulvacysten wordt in de eerste plaats gesteld op basis van de medische voorgeschiedenis en een lichamelijk onderzoek.

Bartholincysten worden opgespoord met behulp van echografie. Grote symptomatische cysten zijn gemakkelijk met de hand te voelen, terwijl kleinere cysten soms alleen met behulp van echografie te vinden zijn. De substantie in de cyste kan met een naald opgezogen worden en daarna in een laboratorium verder onderzocht worden.

Behandeling

Kleine cysten die geen klachten geven, hoeven meestal niet behandeld te worden. Wanneer er toch klachten zijn, zijn die vaak te verlichten met behulp van warme kompressen.

Wanneer uit bacteriologisch onderzoek van de inhoud van de cyste blijkt dat er sprake is van een infectie, schrijft de arts antibiotica voor.

Operatief verwijderen van de cyste wordt meestal alleen overwogen bij heel grote cysten of bij cysten die klachten geven. Als een cyste operatief wordt verwijderd, betekent dit dat de hele cyste en een deel van het omringende weefsel worden weggesneden. Zo wordt voorkomen dat de cyste terugkomt.

Een cyste van een kliertje van Bartholin is te verwijderen door middel van marsupialisatie. Dit is een procedure waarbij de cyste wordt opengesneden en wordt schoongemaakt met behulp van een drain. Daarna worden de wanden van de cyste verwijderd en worden de snijranden aan de opperhuid gehecht.

Prognose

Vulvacysten kunnen ontstoken raken, zich vullen met pus en uitgroeien tot een abces. Soms verdwijnt de infectie vanzelf. Maar het gebeurt ook dat het afvoerbuisje van de klier verstopt blijft, zodat het abces periodiek terugkeert en pijn veroorzaakt. Ook na een mislukte medische behandeling van vulvacysten kunnen de cysten terugkomen en pijn veroorzaken.